{"id":224,"date":"2019-07-29T20:05:54","date_gmt":"2019-07-29T19:05:54","guid":{"rendered":"http:\/\/riesdeweerd.nl\/?p=224"},"modified":"2019-07-29T22:36:21","modified_gmt":"2019-07-29T21:36:21","slug":"het-ontstaan-van-de-republiek-der-zuid-molukken-historisch-referaat","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/riesdeweerd.nl\/?p=224","title":{"rendered":"Het ontstaan van de Republiek der Zuid-Molukken; historisch referaat"},"content":{"rendered":"\n<p class=\"wp-block-paragraph\">&nbsp;&nbsp; <strong>&nbsp;&nbsp;De proclamatie van de Republiek der\nZuid-Molukken, 25 april 1950<\/strong><\/p>\n\n\n\n<p class=\"wp-block-paragraph\"><strong>&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; Politiek-historisch relaas<\/strong><\/p>\n\n\n\n<p class=\"wp-block-paragraph\">Inleiding geschiedwetenschap: werkcollege referaat 031199<em><\/em><\/p>\n\n\n\n<!--more-->\n\n\n\n<p class=\"wp-block-paragraph\"><strong><em>Stelling: de strijd in de Molukken in 1950 was ook een\npostkoloniale \u2018broederstrijd\u2019.<\/em><\/strong><\/p>\n\n\n\n<p class=\"wp-block-paragraph\">In het voorjaar van 1942 maakte de capitulatie van Nederlands-Indi\u00eb aan Japan en de daarop volgende bezetting van drieenhalf jaar een feitelijk einde aan bijna drieen\u00adhalve eeuw Nederlands koloniaal bewind in de Indische archipel. Op 17 augustus 1945, drie dagen na de abrupte Japanse capitulatie en het einde van de Tweede Wereldoorlog in ZO-Azi\u00eb, proclameerden Sukarno en Hatta als leiders van de Indonesische nationalistische beweging &#8211; gebruik makend van het momentum &#8211; de onafhankelijkheid van de eenheidsstaat <em>Republiek Indonesia<\/em>. Zij verwoordden daarmee de doelstelling die de nationalistische beweging in Nederlands-Indi\u00eb, en m.n. de <em>Partai Nasional Indonesia<\/em> sedert haar oprichting in 1927 steeds had voorge\u00adstaan: de unitaire republiek, die het gehele souvereiniteitsgebied van het voormalige Nederlands Oost-Indi\u00eb zou omvatten (in het spoor dus van de pacificatie onder Van Heutz aan het begin van deze eeuw). Na het Japanse bewind 1942-1945, die het Indonesisch nationalisme als anti-Westerse kracht tijdens de oorlog alle ruimte had geboden en v\u00f3\u00f3rdat de Geal\u00adlieerden de Archipel konden binnentrekken, nam de verzameling van nationale bewegingen voor \u2018vrijheid &nbsp;en zelfstandigheid nu\u2019 hiermee in augusus 1945 het lot in eigen handen. <br><\/p>\n\n\n\n<p class=\"wp-block-paragraph\">De idee van een\nunitaire staat werd, in het algemeen en bij de jongere generatie,&nbsp; het sterkst aangehangen op Java en Sumatra,\nin veel mindere mate op Borneo en Celebes. Ook in de Molukse archipel was het\nideaal van een onafhankelijke en unitaire staat<strong>, <\/strong>voor zover daar op zich\nal van enig politiek bewustzijn sprake was, vooral populair onder een deel van\nde intellectuele bovenlaag. Woordvoer\u00adders hiervan traden reeds v\u00f3\u00f3r de Tweede\nWereldoorlog naar voren in de <em>Sarekat Ambon<\/em>, een zeer actieve vereniging\nvan Molukse nationalisten op m.n. Java, die zich verwant voelden met de\nnationalisten van Sukarno en Hatta. De midden- en hogere standen op de Molukse\neilanden zelf (inlandse regenten, radja\u2019s, beambten BB, in het onderwijs en de\nvrije beroepen), en zeker het Christelijk deel daarvan (Christenen-Moslims\n50\/50) waren vooral sedert de tweede helft van de 19e eeuw sterk verbonden\ngeraakt met de Nederlandse heerschappij, ook in emotioneel opzicht\n(\u2018bondgenoten\u2019 en \u2018gelijk gestelden\u2019). Binnen die kringen leefde de idee van\nnationale onafhankelijkheid niet sterk of helemaal niet. eel. Bij de massa der\nbevolking in de kampongs en negorijen op de verspreide eilanden (nog geen 1\nmil-joen) was nauwelijks sprake van enig politiek bewustzijn, volgde men\ntraditioneel datgene wat regenten en radja\u2019s het beste vonden en waren de kijk\nop het leven en loyaliteiten sterk lokaal of regionaal gebonden. De Molukkers\nbuiten de Molukse archipel (zo\u201dn 100.000 mensen waarvan 30.000 op Java) hadden\ndaarentegen een sterker ontwikkeld politiek bewustzijn (ambtenaren BB, vrije\nberoepen, hogere arbeid, militairen). Een deel van de (Chrsitelijke) groepen\nzg. Ambonse intellectue\u00adlen identificeerde zich volledig met het Nederlandse\nkoloniale bewind, evenals de meeste Molukse militairen in het KNIL. Een ander,\nniet onaanzienlijk deel steunde echter de idee van onafhankelijkheid en\nonderschreef de idee\u00ebn van de nationalis\u00adten. V\u00f3\u00f3r de Tweede Wereldoorlog\nwerden ook veel Molukse militairen in het KNIL op Java aangetrokken door de\npropaganda van de Sarekat Ambon, totdat deze mede daardoor verboden werd. De\nproclamatie van Sukarno en Hatta op 17 augustus 1945, waaraan ook Molukse\njongeren meededen, riep daarmee in de diverse Moluk\u00adse gemeenschappen verdeelde\nreacties op.<\/p>\n\n\n\n<p class=\"wp-block-paragraph\">Van begin 1946 tot in\nhet najaar van 1949 streed vooral op Java en Sumatra de nationalistische\nbeweging tegen het teruggekeerde Nederlandse gezag. Deze\nonafhankelijkheidsstrijd of post-koloniale oorlog, het hangt er vanaf hoe men\ner tegen aankijkt,&nbsp; resulteerde op 27\ndecember 1949, na voorafgaande interventies van de Verenigde Naties en de\nRonde-Tafelconferentie (RTC), tot de souvereiniteits\u00adoverdracht door Nederland\naan de <em>Verenigde Staten van Indonesi\u00eb;<\/em> een federatie, geen unitaire\nstaat. Gebruik makend van anti-Javaanse en regionale sentimenten was een oud\nNederlands idee uit 1918 door het Indisch Gouvernement en de Neder\u00adlandse regering\nin 1946 tot inzet gemaakt van de onderhandelingen met de onafhan-&nbsp; &nbsp;kelijksheidsbeweging.\nHierbij ging het er vooral om de militair tot midden-Java terug\u00adgedrongen\nregering van Soukarno\/Hatta te omsingelen met Nederlandsvriendelijke en strikt\nregionaal georienteerde deelstaatregiems (in 1946 drie, in 1949 vijftien; zelfs\nJava en Sumatra waren opgesplitst). De vijandelijkheden buiten Java en Suma\u00adtra,\nzo die al plaatsvonden, konden in de periode 1946-1948 vrij snel in het\nvoordeel van de Nederlandse (KL)&nbsp; en\nIndische strijdkrachten (KNIL) worden be\u00ebindigd, waarna deelstaten werden\ngevormd. De deelstaat Oost-Indonesi\u00eb was in 1946 de eerste. &nbsp;Onder voorbehoud van een federaal Indonesi\u00eb\nsloot het deelgebied Zuid-Molukken &nbsp;zich\nin het voorjaar van 1947 hierbij aan (besluit van de eerste, benoemde\nZuidmolukkenraad). De unitaristische groeperingen in de nationale beweging wer\u00adden\nin dit proces buiten spel gezet. Om tot souvereiniteitsoverdracht te komen\naccepteerden de regering van de tot deelstaat gedegradeerde <em>Republiek\nIndonesia<\/em> en haar sympathisanten over de gehele Archipel deze federale\ncontructie, die indruiste tegen alle denkbeelden sedert de jaren \u201820, bij wijze\nvan politieke taktiek.<br><\/p>\n\n\n\n<p class=\"wp-block-paragraph\">Na de\nsouvereiniteitsoverdracht werd vanuit nationalistische kring begin 1950 dan ook\nconsequent een politiek gevoerd, die zou moeten leiden tot de in 1945 beoogde\neenheidsstaat. Zoals in de meeste nationalistische bewegingen t.t.v. het\ndekolonisa\u00adtieproces na de Tweede Wereldoorlog zagen ook de Indonesische\nleiders van de \u201cgeneratie 1945&#8242; &nbsp;in de\neenheidsstaat de enige mogelijkheid om te ontkomen aan wat zij zagen als&nbsp; verdeel-en heers politiek van de vroegere\nkolonisator Nederland.<\/p>\n\n\n\n<p class=\"wp-block-paragraph\">De meeste van de 15\ndeelstaten sloten zich relatief spontaan aaneen, andere na politieke agitatie\nvanuit de nationalistische groeperingen ter plaatse (de poging tot staatsgreep\nvan ex-KNIL kapitein Westerling met regionale militairen op West-Java in\njanuari 1950 versnelde het proces). Met de in april 1950 laatstovergebleven\ndeelstaat Oost-Indonesi\u00eb, waarvan<em> het deelgebied Zuid-Molukken<\/em> een min\nof meer autonoom district was, verliep het integratieproces echter moeizamer.\nDat had veel, zo niet alles &nbsp;te maken met\nde situatie rondom het Koninklijk Nederlands-Indische Leger in samenhang met de\nstrijd om het behoud van traditionele of het verwerven van nieuwe politieke,\neconomische en maatschappelijke posities in de regio. <\/p>\n\n\n\n<p class=\"wp-block-paragraph\">Op Celebes en in de\nMolukken op het eiland Ambon (het bestuurscentrum) bevon\u00adden zich in de periode\n1949-1950 nog sterke concentraties van onder Nederlands bevel staande\nKNIL-militairen (7000 in Makassar en 2000 op Ambon), die zich uiteindelijk\n\u2018onder voorbehoud\u2019 grosso modo bereid hadden verklaard over te willen gaan naar\nde federale krijgsmacht van de VSI. Binnen dit, in 1830 opgerichte, KNIL namen\nde <em>Ambonnezen<\/em> (verzamelnaam voor KNIL-militairen uit de Midden- en\nZuidoost-Molukken) als \u2018zwarte Hollanders\u2019 een speciale plaats in. Als bewoners\nvan het eerste, sedert &nbsp;begin 17e eeuw\ngekoloniseerde gebied in de Archipel waren de, met name christelijke,\nAmbonnezen het meest geschoold en na de laatste op\u00adstand begin 19e eeuw het\nmeest gezagsgetrouw. Met zo\u2019n 4000 van de 65.000 KNIl-militairen in de tweede\nhelft van de jaren \u201840 vormden zij de harde kern van het Nederlandse militaire\nmachtsapparaat, dat tegen de onafhankelijkheidsbeweging vocht. Ook in de\nburgersector bezetten, vnl. christelijke, Molukse ambtenaren, technici,\nbeoefenaars van de vrije beroepen, e.a. dikwijls die posten, die niet uitdruk\u00adkelijk\naan Nederlanders waren voorbehouden.&nbsp; <\/p>\n\n\n\n<p class=\"wp-block-paragraph\">Zoals geregeld in de RTC-akkoorden konden de militairen overgaan naar de federa\u00adle krijgsmacht of gedemobiliseerd worden op de plaats die men wenste. Onder voorwaarde dat voorlopig geen federale troepen vanuit Java of Sumatra in Oost-Indonesi\u00eb zouden worden gelegerd (daartegen was tenslotte de afgelopen vier jaar gevochten), waren de meeste KNIL-militairen in Oost-Indonesi\u00eb &#8211; ook de Molukse &#8211; bereid over te gaan naar de federale krijgsmacht. Een uitzondering vormden zo\u2019n 400 man speciale troepen (ex-Westerling) en paracommando\u2019s, die onder KL-bevel &nbsp;stonden, niet wensten over te gaan&nbsp; en in januari 1950 plotseling volledig bewapend op Ambon arriveerden en daar ten koste van 19 doden in februari de nationalisti\u00adsche groepering liquideerde.<br>Toen vanaf begin 1950 de nationalistische drang ontstond tot unificatie van de VSI, herriepen groepen KNIL-militairen in Oost-Indonesi\u00eb hun toetreding (dikwijls aan-gemoedigd door Nederlandse sympathisanten). Tevens trachtte een aantal militaire leiders de regering van de deelstaat Oost-Indonesi\u00eb er toe te bewegen het gebied onafhankelijk te verklaren op basis van het \u2018externe zelfbeschikkingsrecht\u2019 in de RTC-akkoorden. Eind maart\/begin april werd het duidelijk, dat de centrale regering vanuit Java troepen zou sturen naar Makassar om de aansluiting van Oost-Indonesi\u00eb bij de Republiek te bevorderen. Een deel van het KNIL in Makassar pleegde daarop een militaire machtsgreep (de Andi Aziz-affaire), waarbij hooggeplaatste politici (en mogelijk Nederlanders) waren betrokken, w.o. Chris Soumokil, [Moluks] minister van Justitie van de deelstaat sedert 1947 en vml. officier van Justitie en auditeur-militair in 1946 (nb: in die hoedanigheden had hij guerillastrijders en politie\u00adke activisten fel vervolgd; hem werd persoonlijk de executie van de \u2018politiek gevangene\u2019 Walter Mongisidi op 050949 verweten). Die machtsgreep bloedde dood omdat de deelstaatregering deze uiteindelijk niet steunde en ook gehoopte Nederlandse steun uitbleef. Op 14 april stortte de actie ineen. Intussen was Soumokil (vermoede\u00adlijk al op 7 of 8 april) met Nederlandse militaire hulp per vliegtuig naar Ambon uitgeweken, waar hij vervolgens met zijn vriend [en Makassaarse vrijmetselaarbroeder] Manusama (wiskundeleraar in Makassar en Ambon, \u00e9\u00e9n van de politieke voormannen in de federale stroming in Oost-Indonesi\u00eb) nieuw politiek activisme ontplooide.<\/p>\n\n\n\n<p class=\"wp-block-paragraph\">Door alle troebelen was vooral op het eiland Ambon onrust ontstaan onder de midden- en hogere lagen van de bevolking. Leefden federalisten (die de steun hadden van het Nederlandse bestuur) en degenen die aansluiting bij Nederland wilden sedert 1946 &nbsp;al op gespannen voet met de unitaristen <em>(PIM: Partai Indonesia Merdeka)<\/em>, sedert januari\/februari was zoals gezegd de sfeer geweldadig geworden. Nationalis\u00adtische jongerengroepen van de PIM werden geformeerd, die fel werden geatta\u00adqueerd door de Ambonse KL-commando\u2019s, <em>de Baretten<\/em>. De op handen zijnde aan\u00adsluiting van Oost-Indonesi\u00eb bij de Republiek werd door een deel van de christelijke militairen, burgelijke intelligentia en traditionele gezagsdragers in de Midden-Moluk\u00adken (vooral op &nbsp;Ambon) als een rechtstreekse bedreiging gevoeld. Enerzijds een bedreiging van de speciale status van \u2018apart en bevoorrecht volk\u2019 binnen de Archipel, die t.o.v. andere bevolkingsgroepen vele voordelen met zich had meegebracht (o.a. de juridi\u00adsche gelijkstelling met Europeanen). Anderzijds voelden velen hun&nbsp; fysieke veilig\u00adheid bedreigd omdat de meeste lokale christelijke politieke leiders, ambtenaren en intellectuelen na 1945 onvoorwaardelijk de kant van de teruggekeerde Nederlanders hadden gekozen (enige moslim radja\u2019s uitgezonderd). Dat vele Molukkers buiten het gebied, maar toch ook op Ambon zelf, aan nationalistische zijde hadden meege\u00advochten (Bataljon Pattimura) of politiek vooraanstaande functies vervulden in de Republiek, deed daar niet aan af (men vond dat geen \u2018echte\u2019 Ambonnezen) maar maakte het dreigende conflict w\u00e8l schrijnender.  <\/p>\n\n\n\n<p class=\"wp-block-paragraph\">Op 21 april 1950 maakte de regering van Oost-Indonesi\u00eb de aansluiting bij de Republiek bekend. Op 25 april proclameerden het Hoofd van het gebied Zuid-Moluk\u00adken en zijn plaatsvervanger, Manuhutu en Wairisal, onder druk van Soumokil, Manusama, de Baretten, ex-KNILers en een aantal dorpshoofden, en buiten de Zuidmolukken Raad om, de Republiek der Zuid-Molukken (RMS). Hieraan gingen vooraf op 18 april een massameeting die Manusama met hulp van (op een enkeling na, christelijke) negorijhoofden had bijeengeroepen (ca. 10.000 deelne\u00admers) en op 24 april een zg. \u2018Volkscongres\u2019 (ca. 6000 vooral christelijke deelnemers) georganiseerd door Manuhutu. \u2018Weg met Sukarno\u2019, \u2018geen Javaanse Islamitische overheersing\u2019 en het zekerstellen van de eigen eiland en\/of negorijbelangen waren de heersende sentimenten. Vooral Soumokil speelde in die dagen de \u2018moslim-kaart\u2019<a href=\"#_ftn1\"><sup>[1]<\/sup><\/a>. De Zuid-Molukken Raad is door Manuhutu niet meer bijeengeroepen, daarvoor was&nbsp; op maandagmorgen 24 april volgens een vertegenwoordiger van de militairen geen tijd meer. Er zaten in deze ZMR (gekozen in 1948) volgens Manusama trouwens toch te veel Republikeinsgezinde Molukkers;<a href=\"#_ftn2\"><sup>[2]<\/sup><\/a>&nbsp; het is hoogst onwaarschijnlijk dat deze ZMR&nbsp; zou hebben ingestemd met een onafhankelijkheidsproclamatie.<\/p>\n\n\n\n<p class=\"wp-block-paragraph\">Een bemiddelingspoging van regeringszijde door een delegatie van vooraanstaande Molukkers uit Djakarta op 1 mei in de Baai van Ambon mislukte. Een tweede verzoe\u00adningspoging na een conferentie op 12 en 13 juni in Semarang (Java) waaraan vertegenwoordigers van Molukkers uit alle Indonesische eilanden deelnamen, kwam ook niet van de grond. Een regeringsmissie die op 8 juni op Ambon zou arriveren, is nooit gekomen. Er werd een marineblokkade rond de Midden-Molukken gelegd, waarna er tussen september en november een tweetal militaire invasies op Ambon plaatsvonden. In felle gevechten, waarbij aan regeringszijde ook het Molukse batal\u00adjon Pattimura deelnam en de Molukse kapitein Muskita optrad als stafadviseur van de operatiebevelhebber, werd Ambon ingenomen. Begin december weken leden van de RMS-regering (anderen gaven zich over) en de overblijvende militairen uit naar Ceram. Ook hier werden felle gevechten geleverd, maar ook stonden Molukkers wederom tegenover andere Molukkers in verscheidene negorijen die niet met de RMS wilden meedoen. Op sommige plaatsen was sprake van regelrechte terreur door de Baret\u00adten onder commando van APRMS-overste (ex-KNIL sergeant) Nussy , waartegen de burgelij\u00adke RMS-leiders niet bij machte waren op te treden. Op Saparua werden veel oude\u00adren en jongeren die van Republikeinse sympathie\u00ebn werden verdacht geliquideerd of weggevoerd naar Ceram en daar onthoofd. Zo werd ook de moslim kampomg Kulor platgebrand (men leze de memoires van wijlen Ir. Manusama).<\/p>\n\n\n\n<p class=\"wp-block-paragraph\">Uiteindelijk vertrok Manusama met een delegatie vanuit Ceram via Nederlands Nieuw-Guinea naar Nederland. Soumokil voerde met een kleine groep getrouwen (vooral Baretten) tot in 1963 een guerilla in het binnenland van West-Ceram, totdat zijn verblijfplaats door lokale kampongbewoners werd verraden en hij gerarresteerd werd. Na een proces in Djakarta werd hij ter dood veroordeeld en in 1966, na het aan de macht komen van Suharto als president van Indonesi\u00eb (en militaire generatiegenoten), terechtgesteld (waarmee &#8211; naar ik aanneem &#8211; ook \u2018oude rekeningen\u2019 van Zuid-Celebes 1946-50 werden vereffend, o.a. het doodvonnis van Walter Mongisidi, dat destijds in de nationalistische pers breed&nbsp; werd uitgemeten en Soumokil persoonlijk werd aangerekend).<\/p>\n\n\n\n<p class=\"wp-block-paragraph\">Inmiddels waren in de eerste helft van 1951 zo\u2019n 4.000 Molukse militairen, die niet buiten de Molukken wensten te demobiliseren, met gezin (12.500 mensen) vanuit hun verza\u00admelplaatsen op Java voor een \u2018tijdelijk verblijf\u2019 overgebracht naar Nederland. Dit waren de wrange vruchten van een post-koloniaal conflict dat, in weerwil van de [Nederlands-Molukse] mythe: \u2018Java tegen Ambon\u2019, voor de Molukkers in Oost-Indo\u00adnesi\u00eb cq. de Midden- en Zuid-Oost Molukken veel kenmerken vertoonde van een \u2018perang saudara\u2019, een broederstrijd. Molukkers van die tijd in Indonesi\u00eb die nog in leven zijn, kunnen daarover bitter vertellen. In Nederland hoor je die verhalen niet of nauwelijks. Immers, de Molukkers die via doorgangskampen op Java naar Neder\u00adland kwamen waren allen militair en destijds niet ter plekke in de Molukken.&nbsp;&nbsp;&nbsp; <\/p>\n\n\n\n<hr class=\"wp-block-separator\"\/>\n\n\n\n<p class=\"has-small-font-size wp-block-paragraph\"><a href=\"#_ftnref1\"><sup>[1]<\/sup><\/a> Eigen onderzoek op Ambon en Ceram (interviews) hadden mij deze gang van zaken al duidelijk gemaakt.&nbsp;&nbsp;&nbsp;Begin 1977 zou ook in een televisieserie van de IKON &#8211; na de Molukse kapingen en gijzelingen &#8211; dit feitenrelaas voor het eerst publiek bekend worden. De recent verschenen memoires van Ir Manusama&nbsp;&nbsp;bevestigt deze gebeurtenissen voor het eerst in Molukse kring in Nederland, hoewel hij de rol van&nbsp;&nbsp;Soumokil en vooral van de militairen onwaarschijnlijk klein maakt. Dit laatste is merkwaardig, omdat&nbsp;Manusama in het vervolg van zijn verhaal het dubieuze en somsstijds ronduit insubordinatiegedrag van de&nbsp;&nbsp;militairen breed uitmeet. Ze hebben hem zelfs een keer standrechtelijk willen fussileren.<\/p>\n\n\n\n<p class=\"has-small-font-size wp-block-paragraph\"><a href=\"#_ftnref2\"><sup>[2]<\/sup><\/a> Zie Ir J.A. Manusama, <em>Herinneringen aan mijn leven in de Oost 1910-1953<\/em> (Den Haag, 1999), 155. Indien&nbsp;&nbsp;op 21 april de regering van Oost-Indonesi\u00eb niet was afgetreden, zou Manusama nog benoemd zijn tot&nbsp;&nbsp;Hoofd van het Gebied Zuid-Molukken als opvolger van Manuhutu. E\u00e9n van de dingen die hij wilde was de&nbsp;&nbsp;zittende ZMR, die in 1948&nbsp; rechtstreeks gekozen was, ontbinden en nieuwe verkiezingen uitschrijven. <\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>&nbsp;&nbsp; &nbsp;&nbsp;De proclamatie van de Republiek der Zuid-Molukken, 25 april 1950 &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; Politiek-historisch relaas Inleiding geschiedwetenschap: werkcollege referaat 031199<\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"footnotes":""},"categories":[3],"tags":[],"class_list":["post-224","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-vehalen"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/riesdeweerd.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/224","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/riesdeweerd.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/riesdeweerd.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/riesdeweerd.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/riesdeweerd.nl\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcomments&post=224"}],"version-history":[{"count":3,"href":"https:\/\/riesdeweerd.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/224\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":236,"href":"https:\/\/riesdeweerd.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/224\/revisions\/236"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/riesdeweerd.nl\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fmedia&parent=224"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/riesdeweerd.nl\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcategories&post=224"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/riesdeweerd.nl\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Ftags&post=224"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}